Terug naar hoofdinhoud

Een boerderij vol verhalen

“Dit is ons verborgen pareltje in de Fendert”



Een boerderij vol verhalen
De familie achter Torenpolderkaas
Achter de staldeuren van Torenpolderkaas wordt niet alleen hard gewerkt, er wordt ook veel gelachen. Terwijl Joost met zichtbaar enthousiasme vertelt over zijn koeien, vult Gerda de verhalen moeiteloos aan. Ook zoon Mark en dochter Anne maken deel uit van het familiebedrijf dat iedere dag bruist van de bedrijvigheid. Voor je het weet gaat het allang niet meer alleen over kaas, maar over het leven op de boerderij, ondernemen, Fijnaart en de vele mensen die er graag binnenlopen. Misschien is dat wel de grootste kracht van Torenpolderkaas: niet alleen wat er wordt gemaakt, maar vooral de mensen die erachter staan.

Vraag Joost van Dorp waar zijn passie ligt en het antwoord volgt zonder aarzelen. "Bij de koeien."

Dat is altijd al zo geweest. Het familiebedrijf begon ooit als akkerbouwbedrijf, waar de koeien er aanvankelijk vooral als hobby werden gehouden. In de loop der jaren draaide dat langzaam om. De passie van Joost voor het melkvee zorgde ervoor dat de melkveehouderij steeds belangrijker werd. Nog altijd begint zijn dag in de stal en als hij over zijn koeien vertelt, merk je direct waar zijn hart ligt.

De aanleiding om zelf kaas te gaan maken ontstond niet uit een langgekoesterde droom, maar uit een gesprek tussen Joost en zijn vader. Na opnieuw een wijziging in tarieven, regels en voorwaarden vanuit de organisatie waarbij ze destijds waren aangesloten, vroegen ze zich af hoe ze het bedrijf ook in de toekomst gezond konden houden. Tijdens dat gesprek zei Joost bijna terloops: "Dan maken we er zelf wel kaas van." Een opmerking die hem daarna niet meer losliet. Niet als uitgewerkt plan, maar als het begin van een nieuw idee.


Gewoon beginnen

Dat Joost zijn oma vroeger zelf kaas maakte, gaf net dat laatste zetje. Er werd een hobbyset aangeschaft, een pan geleend en in de keuken verschenen de eerste kazen.

Het experiment begon klein. Heel klein zelfs. Want voor één kilo kaas is al snel tien liter melk nodig. En de allereerste zelfgemaakte kaas? Die haalde de winkel nooit.

"Onze hond was iets sneller." Joost en Gerda schieten allebei in de lach. Het is één van de vele anekdotes die tijdens het gesprek vanzelf langskomen.
Want zo gaat het eigenlijk de hele avond. Van het ene verhaal rol je moeiteloos in het volgende.


Niet alleen kaas

Inmiddels is Torenpolderkaas uitgegroeid tot veel meer dan een plek waar je een stukje kaas koopt.

De winkel is inmiddels echt het domein van Gerda. Dat is best bijzonder als je bedenkt dat ze opgroeide in Scheveningen en zichzelf vroeger nooit op een boerderij in Fijnaart had zien wonen. In 2005 leerde ze op vakantie in Italië Joost kennen en verruilde ze uiteindelijk de kust voor het Brabantse platteland. Dat was in het begin best wennen. Een melkveehouderij kent immers geen weekenden of vaste werktijden. Toch hoeft ze tegenwoordig geen moment na te denken als de vraag komt of ze ooit nog terug zou willen. "Nee hoor. Ik zou hier echt niet meer weg willen."

Juist de betrokkenheid van de mensen heeft haar verrast. In de winkel maakt ze graag tijd voor een praatje en inmiddels kent ze veel klanten persoonlijk.

"Als mensen nieuwsgierig zijn, vinden we het juist leuk om te vertellen." Dat enthousiasme valt direct op. Vraag naar de kruiden in de kaas en je krijgt een verhaal over tientallen smaakproeven. Vraag naar de boerderij en voor je het weet gaat het over het leven tussen de koeien. Vraag naar de toekomst en er wordt enthousiast verteld over kindermiddagen, een heuse escaperoom en nieuwe ideeën die alweer door hun hoofd spoken.

Schoolklassen komen kijken hoe kaas wordt gemaakt. Senioren krijgen een rondleiding. Tijdens de Fendertse Week, waar Torenpolderkaas ook dit jaar weer een kraam heeft, ontstaan de leukste gesprekken en zelfs Nederlanders die inmiddels in Frankrijk wonen, bestellen nog regelmatig een doos Torenpolderkaas.
Stilzitten? Dat lijkt niet echt bij Joost en Gerda te passen.


Een moeilijke periode, maar vooral veel warmte

De meeste inwoners van Fijnaart zullen zich de twee grote kaasdiefstallen nog wel herinneren. Het nieuws haalde landelijke media en zelfs buitenlandse kranten en radiozenders.

Opvallend genoeg praten Joost en Gerda nauwelijks over de diefstallen zelf.
Veel liever vertellen ze over alles wat daarna gebeurde.

Over de collega-kaasmakers die spontaan kazen schonken zodat de winkel niet leeg bleef. Over de vele kaarten, berichtjes en telefoontjes. Over dorpsgenoten die zomaar even langskwamen om te vragen hoe het ging. "Dat heeft ontzettend veel indruk gemaakt."

Misschien zegt dat wel alles over hoe zij in het leven staan. Niet blijven hangen bij wat er misging, maar vooral onthouden wat mensen voor elkaar over hebben.


Verborgen pareltje

Aan het einde van de avond noemt Gerda de boerderij en de winkel een verborgen pareltje in de Fendert. Eigenlijk vat ze daarmee onbedoeld het hele verhaal samen.

Veel mensen kennen Torenpolderkaas van naam. Sommigen komen er wekelijks voor een stuk kaas. Maar wie echt even de tijd neemt om binnen te stappen, ontdekt al snel dat achter de staldeuren veel meer schuilgaat.

Een melkveehouder die het liefst tussen zijn koeien loopt. Een vrouw die zichtbaar geniet van de ontmoetingen met bezoekers. Een gezin dat samen bouwde aan iets waar ze trots op mogen zijn. En verhalen? Daar hebben Joost en Gerda er nog genoeg van. En die delen ze met alle plezier.




Advertenties